Ondanks de vergrijzing -die vooral Vlaanderen treft- stelt het VNZ vast dat de consumptieverschillen ook in 2017 nog steeds toenemen. Op die manier bedroeg het verschil tussen de gemiddelde ziektekosten voor een Vlaming (2.213,74 euro) en een Waal (2.316,93 euro) in 2017 103,19 euro. Brussel gaf 2.117,13 euro aan gezondheidszorg uit per hoofd van de bevolking. Dit terwijl de Waalse uitgaven per hoofd van de bevolking volgens het ziekenfonds 4,66% hoger lagen.

Het ziekenfonds zet dit alles ook af tegen het globale gezondheidsbudget. In 2017 ging er in ons land 25.499.372.000 euro naar gezondheidszorg voor 11.303.528 inwoners. Dat komt neer op 2.251,45 euro per capita.

Significante stijging

Op basis van de Belgische cijfers van alle ziekenfondsen samen over de verhoogde tegemoetkoming stelt het VNZ vast dat in Brussel ruim 32% van de bevolking in armoede leeft. "En dit cijfer stijgt elk jaar nog significant," aldus het VNZ. In Vlaanderen gaat het over 15,31% van de bevolking, in Wallonië over 21,16%.

Aan de hand van de bijdragen voor sociale zekerheid in 2016 noteert het VNZ dat een Vlaamse titularis aan de Neutrale Landsbond jaarlijks 8.963 euro betaalt aan sociale zekerheidsbijdragen. Voor een Franstalige gaat het over 6.778 euro. Dat is met andere woorden 2.185 euro minder. Verder noteert het ziekenfonds dat het aantal GMD's in 2017 stagneerde. Bijna 60% van de Belgen heeft een GMD, in Vlaanderen is dat bijna 70% van de mensen, in Wallonië iets meer dan de helft. Ook het aantal hospitalisatiedagen ligt in Franstalig België een stuk hoger (5,96%).

Tot slot verwijst het VNZ naar "het frappante verschil in aantal uitkeringsdagen".Tussen Vlaanderen en Wallonië bedroeg dat tien jaar geleden nog 1,8 dagen maar intussen is dat per titularis opgelopen tot zes dagen meer uitkeringen voor arbeidsongeschiktheid of invaliditeit.